Aside

Allemaal leuk en aardig de duizenden verschillende apps die je kan downloaden en nog heel veel meer websites die je kunt bezoeken, maar is het ook makkelijk te gebruiken en misschien nog wel belangrijker, voegt het iets toe aan wat je al weet?

 

Als je een app hebt gedownload is het ook heel fijn als je weet hoe de app werkt. Als voorbeeld ga ik hiervoor de app Instagram gebruiken. Het is de meest simpele app maar het werkt wel uitstekend. Je opent het en gelijk verschijnen er foto’s in je tijdlijn waar je doorheen kunt scrollen. Je heb als je hem gebruikt geen vragen over hoe je er mee om moet gaan. De term die hiervoor is usability. Een van de vijf essentiële speerpunten waar aan gedacht moet worden als je een communicatiemiddel ontwikkelt. Naast dat het makkelijk te gebruiken moet zijn voor iemand die er geen verstand van heeft, wil je ook dat je er iets aan heb als je het gebruikt. Er zijn veel apps die iets te maken hebben met social media of die opzichzelf al een sociaal medium zijn. Maar Instagram is zo populair geworden omdat het totaal iets nieuws was. Het uploaden van foto’s die je zelf eerst heb kunnen bewerken. Op deze manier voegde het dus iets toe aan je online leven.

 

Het idee achter Facebook en ook Instagram is dat je iets toevoegt aan wat er al is. Namelijk cocreatie. Je bouwt je eigen deel op een groter geheel. Je kan zelf bepale wat je erop zet en wie het kunnen zien. Op deze manier krijg je een heel eigen platform.

 

 

 

Aside

Als je aan je opa of oma vraagt hoe ze vroeger het nieuws te horen kregen, krijg je daar waarschijnlijk een simpel antwoord op. Ze lazen het in de krant, hoorde het op de radio of kregen het te horen van andere mensen. Veel andere communicatiemiddelen waren er niet, en het was steeds dezelfde informatie die je via verschillende media kreeg.

Deze manier van communiceren noemen we multimediaal. Er is een bepaald verhaal of een bepaalde boodschap die verteld moet worden, en die wordt via verschillende media verspreid. Het verhaal blijft echter wel gewoon hetzelfde. Dat kan met bijvoorbeeld de radio, de tv of in de krant. Deze manier van media verspreiden is niet alleen van vroeger, maar wordt ook nu dagelijks gebruikt. Denk maar aan de boeken van Carry Slee die je vroeger misschien wel gelezen hebt. Veel van deze boeken zijn inmiddels al verfilmd. Je kunt het verhaal nu meekrijgen door het boek te lezen of naar de film te gaan, maar het verhaal blijft wel gewoon hetzelfde.

 

Als je in deze tijd de tv aanzet, krijg je toch wat meer prikkelingen. Je kijkt naar een programma en om het kwartier komt in beeld te staan dat je meer informatie kunt vinden op de website, of dat je een app voor op je mobiel kunt dowloaden om zelf mee te doen aan de show. Voor je opa en oma is dat nog eens anders dan vroeger, ze worden constant beziggehouden om overal aan mee te doen.

Deze manier van communiceren heet crossmediaal. We zitten niet alleen lui voor de televisie toe te kijken, maar we kunnen ook meedoen. Zo is er bijvoorbeeld elk jaar de nationale IQ-test op tv te zien. Je kunt passief naar dit programma kijken en je afvragen hoe de bekende Nederlanders het er vanaf gaan brengen. Maar we kunnen nu ook meedoen. Door de app te dowloaden kun je op je mobiel helemaal meedoen met het spelletje. Je krijgt net zoveel tijd als de mensen in de studio om de vragen te beantwoorden, en aan het einde krijg je op je mobiel te zien hoe hoog je IQ is. Als je er trots op bent kun je het ook nog eens delen op facebook of twitter. Op deze manier versterkt het ene media (je mobiel) het andere (de tv).

 

Als laatste hebben we ook nog transmedia. Dit wordt nog wel eens verward met crossmedia. Bij transmedia wordt namelijk ook gebruikt van meerdere media, maar hier vormt elk media z’n eigen stukje van het verhaal. Je kunt ze dus ook los bekijken. Je hebt niet elk stukje nodig om het verhaal mee te krijgen, maar hoe meer stukjes hoe uitgebreider, en hoe leuker. Zo heb je bijvoorbeeld de televisie serie ‘Wie is de mol?’. Dat is een soort detective spel met bekende Nederlanders. Je kunt gewoon naar het programma kijken en verder niks doen, maar je kunt ook actief meedoen met de zoektocht naar de mol. Via internet kun je dagboeken lezen en als je op een bepaald tijdstip naar de radio luistert kun je daar misschien ook informatie uit halen. De informatie van de radio kun je niet vinden op de tv of internet, en andersom. Alle drie de media hebben dus met hetzelfde verhaal te maken, maar je kunt ze ook alle drie apart bekijken. Samen vormt het een nog completer geheel.

 

Nu is het natuurlijk helemaal aan jou de keus hoe erg je in deze media opgaat. Zit je net als je opa en oma passief op de bank voor de tv, of pak je al de media bij elkaar om er optimaal van te genieten?

Vera Steutel

 

 

Reader 2.1

http://nl.wikipedia.org/wiki/Crossmedia

http://avro.nl/wieisdemol/